Draagvloeren

Binnen de ruwbouw van een constructie zijn de draagvloeren, ook wel vloerelementen genoemd, een niet te verwaarlozen aspect. Hoewel ze op het eerste zicht enkel een scheiding tussen twee verdiepingen lijken te vormen, is het toch vooral hun constructieve stabiliteit die van groot belang is. Draagvloeren krijgen namelijk een zware belasting te verduren, daarom moeten ze in staat zijn om dit onder alle omstandigheden op te vangen zonder te verzakken of door te buigen.

Een bouwkundig specialist zal dan ook precies moeten berekenen welk type het meest geschikt is voor de constructie en welke afmetingen van toepassing zijn.

Naast hun dragende rol hebben draagvloeren ook in mindere mate een akoestisch en thermisch isolerende functie. Dit kan echter nog sterk verbeterd worden door het gebruik van isolatie. Zeker bij draagvloeren op de volle grond of boven onverwarmde ruimtes is het gebruik van vloerisolatie essentieel om warmteverlies te voorkomen.

Er bestaan verschillende types van draagvloeren, met elk hun eigen voordelen en specifieke toepassingsmogelijkheden.  Potten en balken zijn een draagvloersysteem dat vaak bij renovaties wordt gebruikt omwille van de hanteerbaarheid ervan. Het bestaat uit balken waartussen de vulpotten opgehangen worden. Daarna wordt er voor de stabiliteit een betonnen druklaag aangebracht. Welfsels of kanaalplaatvloeren bestaan uit holle, betonnen elementen die met een kraan tegen elkaar worden geplaatst. De V-vormige ruimte die daardoor ontstaat, wordt later met beton dichtgegoten. Deze vloerelementen beschikken over een gladde of ruwe onderkant. Predallen of breedvloerplaten zijn breder, lichter en dunner dan welfsels. Vooral bij grotere oppervlakten zijn deze elementen kostprijs-technisch interessanter. Ook bij dit systeem worden de platen na plaatsing met beton volgestort. Indien nodig biedt bijkomende bewapening extra versterking. De afwerking is eenvoudig omdat de pleisterwerken vrijwel onmiddellijk kunnen beginnen.

In samenwerking met Bouwinfo.be

GRATIS Nieuwsbrief