Waarom warmtewinst in kantoren zo'n groot probleem is
Grote glaspartijen zijn mooi, maar ze laten enorm veel zonne-energie binnen. Die warmte blijft hangen en zorgt voor een broeikaseffect in het gebouw. Wie kiest voor kantoorzonwering aan de buitenzijde, houdt de warmte tegen voordat die het glas passeert. Dat scheelt fors in de koelbehoefte. Zonder buitenzonwering moet de installatie alle binnengekomen warmte alsnog wegkoelen, wat continu energie kost. Bij kantoren met een grote zuidgevel loopt de zonbelasting op de warmste dagen hoog op, met een onaangenaam binnenklimaat als gevolg. De plek waar je de warmte tegenhoudt, bepaalt dus grotendeels hoe zwaar de koelinstallatie belast wordt.
Buitenzonwering versus binnenzonwering
Het verschil tussen buiten- en binnenzonwering is groter dan veel mensen denken. Binnenzonwering, zoals een rolgordijn of jaloezie, gaat pas werken als de zon al door het glas is. De warmte zit dan al binnen en wordt hooguit verspreid. Buitenzonwering vangt de zonnestralen op vóór het glas, waardoor ze het gebouw nooit bereiken. Voor kantoren is dat verschil beslissend. Screens en lamellendaken weren de warmte aan de buitenkant en houden zo de temperatuur binnen beheersbaar. Binnenzonwering blijft nuttig voor lichtregeling en privacy, maar als energiemaatregel schiet het tekort. Wie serieus wil besparen op koeling, begint aan de buitenkant.
Welke soorten buitenzonwering passen bij kantoorgebouwen?
Niet elk gebouw vraagt om dezelfde aanpak. De gevel, de functie van de ruimtes en de omvang van het glas bepalen welke oplossing werkt. Deze drie typen buitenzonwering komen bij kantoren het vaakst voor:
- Ritsscreens (zipscreens): strak weefsel dat in geleiders loopt en zo strak blijft staan. Ze weren de warmte, laten toch daglicht door en houden zicht naar buiten mogelijk. Windvaste uitvoeringen blijven zelfs bij stevige wind bruikbaar.
- Lamellendaken: verstelbare lamellen boven een buitenruimte of atrium. Ze regelen licht en warmte en maken een terras of entree het hele jaar bruikbaar.
- Terrasschermen en pergola's: ideaal voor buitenruimtes bij kantoren, zoals een lunchterras of een overdekte ingang, waar schaduw en beschutting welkom zijn.
Per gebouw verschilt de beste keuze. Een goed advies begint daarom altijd met een blik op de gevel en het gebruik van de ruimtes.
Automatisering en slim gebruik
Zonwering werkt het best als ze meebeweegt met het weer. Zon- en windsensoren laten screens automatisch zakken als de zon fel schijnt en trekken ze op bij harde wind. Zo blijft het binnenklimaat stabiel zonder dat iemand er omkijken naar heeft. Ook bediening via een app hoort er tegenwoordig bij. Beheerders sturen de zonwering aan, ook als er niemand op kantoor is, bijvoorbeeld in het weekend of tijdens een hittegolf. Automatisering haalt het maximale uit de zonwering, omdat de installatie precies op tijd reageert. Handmatige bediening werkt, maar mensen vergeten het nogal eens, en juist dan loopt de temperatuur op.
Wat levert zonwering op qua energiebesparing?
De winst zit vooral in de koeling. Hoe minder warmte er binnenkomt, hoe minder de airco hoeft te draaien. Dat verlaagt het energieverbruik en verlengt de levensduur van de koelinstallatie, die immers minder zwaar belast wordt. Daarnaast verbetert het comfort merkbaar. Een aangename werktemperatuur houdt medewerkers productiever en vermindert klachten over benauwdheid. Buitenzonwering betaalt zichzelf zo op meerdere vlakken terug: lagere kosten, een prettiger binnenklimaat en een gebouw dat beter bestand is tegen warme zomers. Voor bouwers en verbouwers is het een maatregel die zowel bouwkundig als voor de gebruiker meerwaarde oplevert.
Zonwering als vast onderdeel van energiezuinig bouwen
Zonwering verdient een plek vroeg in het bouw- of verbouwtraject, niet als sluitstuk. Wie de zonbelasting van meet af aan meeneemt, ontwerpt een gebouw dat in de zomer koel blijft zonder overmatig te koelen. Partijen als De Haan Westerhoff denken mee over de juiste keuze per gevel en gebruikssituatie, van screens tot lamellendaken. Zo wordt buitenzonwering een volwaardige bouwkundige maatregel die energie bespaart en het werkklimaat verbetert. Voor kantoorgebouwen is dat geen luxe, maar een logische stap naar een comfortabel en energiezuinig gebouw.






