Zelf leien plaatsen in halfsteens verband.

Er bestaan verschillende manieren & methodes om leien te plaatsen.  In deze instructievideo gaan we het hebben over de methode die men halfsteens verband noemt.  Dit halfsteens verband kan zowel voor gevel als voor dak worden toegepast.

Wat heb je allemaal nodig?

  • Vierhoekige leien (dus geen afgesneden hoeken)
  • Koperen leinagels
  • Tengellatten
  • Panlatten
  • Roestvrije nagels
  • Bebordingsplank
  • Leischaar
  • Leidekkershamer
  • Geperforeerd profiel

De leien worden geplaatst op tengellatten & panlatten. De afstand tussen de tengellatten is maximum 600mm.  De afstand tussen de panlatten is afhankelijk van het formaat van de leien en de helling.  De juiste afstanden vind je terug in de plaatsingsgids van de leien. De plaatsing van leien gebeurt steeds van beneden naar boven.

Ter hoogte van de gevelaanzet of dakvoet, brengt men horizontaal de bebordingsplank aan.  Deze moet 4mm dikker zijn dan de panlatten om de ontbrekende leidikte van 4mm op te vangen.  De maximum oversteek van de leien over de bebordingsplank is 50mm.

De afstand tussen de onderrand van de bebordingsplank en de bovenrand van de volgende panlat is gelijk aan de latafstand + overlap + 10mm (afstand tussen de bovenrand van de lei en de bovenrand van de panlat) – de gebruikte oversteek of A = L + R – 40.

Voorbeeld :
Lei 45/32 – hoogte 45cm of 450mm
Overlap R : 90mm (bv. Helling 35°)
Zichtvlak L : 180mm of (450-90)/2
A = L + R – 40
A = 180 + 90 – 40 = 230mm

Na de plaatsing van de eerste panlat is de latafstand hart op hart steeds dezelfde. Om de panlatten eenvoudig te plaatsen, is het handig om op het gevel- of dakvlak horizontale smetlijnen aan te brengen met een onderlinge afstand die gelijk is aan de latafstand.  De panlatten worden dan horizontaal aangebracht op deze smetlijnen.  Eens de panlatten zijn aangebracht, wordt er loodrecht op deze panlatten opnieuw smetlijnen aangebracht, met een onderlinge afstand gelijk aan de helft van een lei + 2mm.

De eerste rij leien, zijn voetleien waarvan de hoogte bij een horizontale dakvoet gelijk is aan de latafstand plus de overlap.  Deze leidelen worden met 3 nagels vastgemaakt in de bebordingsplank.  Deze laatste plaatst men zodanig dat de onderkant, samenvalt met de onderkant van de voetleien.  De bovenrand van deze 2e rij, rust op een volgende panlat. De assen tussen de voegen van de 2e rij verspringen een halve leibreedte, plus 2 mm tov die van de eerste rij.  Alle volgende rijen, worden op dezelfde manier geplaatst als deze 2e rij. De gewone leien worden horizontaal geplaatst, om 1cm van de bovenkant van de panlat, met koperen nagels en een leidekkershamer.

 

   

Brochures

Vraag geselecteerde brochures aan